Oude Hoornseweg 11
Van dokterswoning tot familiehuis, de geschiedenis van ons huis
Aan de Oude Hoornseweg in Wognum, vroeger de Kerkebuurt en de Hoornscheweg geheten, staat een huis dat in 1848 werd gebouwd door de dorpsdokter zelf. Ruim een halve eeuw woonden en werkten hier de geneesheren van Wognum. Daarna ging het huis van hand tot hand, en liepen bewoning en eigendom een tijdlang uiteen: vanaf 1914 woonde brandstoffenhandelaar Piet Visser in het huis, terwijl het eigendom pas in 1923, op een veiling, in zijn handen kwam. In 1953 kochten Nico en Vera Stam het huis, en sindsdien is het van onze familie.
Deze pagina volgt het huis door de tijd, aan de hand van krantenknipsels, notariële akten en familieherinneringen. Elke gevulde stip op de tijdlijn is een eigendomsoverdracht; de open stippen markeren nieuwe bewoners.
Dokter Van Waas bouwt het huis
Robertus van Waas, geboren in 1819 te Alkmaar, kwam op 1 januari 1844 als genees- en heelmeester naar Wognum en nam op 1 juni zijn intrek bij Pieter Groot en zijn vrouw. Na zijn huwelijk in 1847 met Aleida Geertruida van Zelm uit Doesburg woonde het paar eerst in een huis aan de Kerkbuurt, gehuurd van Tjade Bakker. Toen kocht Van Waas een stuk land van Jan Mol en liet daar een huis met stal bouwen. In 1848 betrok hij zijn nieuwe woning, tot licht verdriet van de buren. Een van hen, Pieter Groot Dirkszoon, hield een kroniek bij en noteerde dat jaar:
Het is goed gekomen tussen de dokter en zijn buren: bij het 25-jarig huwelijksfeest van Van Waas en zijn vrouw in mei 1872 zat dezelfde kroniekschrijver aan als gast, en gaven buren en vrienden het echtpaar een pendule cadeau. Van Waas was lid van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen. Vijf van zijn kinderen groeiden hier op; alle meisjes stierven jong.
<
Verkoop aan de gemeente Wognum
Na bijna veertig jaar praktijk verkocht Van Waas in 1883 zijn huis aan de gemeente Wognum en vertrok hij naar Oudendijk, waar hij een jaar later overleed. De gemeente hield het huis aan als woning voor zijn opvolgers.
Dokter Hammes
Op 5 februari 1884 vestigde Johan Adolf Hammes zich in Wognum, komend van Leiden. Hij huurde het huis van de gemeente en woonde er vijftien jaar met zijn vrouw Geertruij van Steenis en hun twee kinderen. In augustus 1899 vertrok het gezin; Hammes ging via Utrecht naar Londen om zich te bekwamen in de tandheelkunde en oefende tot op hoge leeftijd praktijk uit als tandarts in Leiden, waar hij in 1946 overleed.
Dokter Janssens, de laatste dokter in dit huis
Louis Janssens, geboren in Maastricht, vestigde zich in de zomer van 1899 als arts in Wognum en betrok aanvankelijk het huis waarin Van Waas en Hammes hadden gewoond. Hij hield er een kruidenloper op na, die tevens zijn koetsier was. Lang zou hij hier niet blijven: de gemeente liet in 1901 een nieuw dokterhuis bouwen aan de huidige Oude Hoornseweg 17, waarna Janssens daarheen verhuisde.
Dirk Klomp, fouragehandelaar
Met de bouw van het nieuwe dokterhuis verloor het oude zijn functie, en na 53 jaar kwam er een einde aan het huis als dokterswoning. De gemeente verkocht het in 1901 aan Dirk Klomp, fouragehandelaar, geboren op 6 november 1869 te Twisk. Hij was in 1896 getrouwd met Marijk Klay uit Berkhout en had met haar twee dochters en een zoon, Jaap.
Klomp overleed op 5 juli 1914 te Wognum, pas 44 jaar oud. Zijn weduwe bleef in Wognum wonen tot zij in 1935 naar Hoorn vertrok.
Piet Visser komt in het huis
In 1914 kwam Pieter Visser, brandstoffenhandelaar, in de volksmond de kolenboer, in het huis wonen. Hij was geboren in 1889 te Wognum en trouwde in 1920 met Trijntje Pool uit Hoogwoud. Negen jaar lang was hij bewoner zonder eigenaar te zijn: het huis wisselde in die jaren tweemaal van eigenaar, maar het gezin Visser bleef er gewoon wonen. Bewoning en eigendom liepen hier dus tijdelijk niet gelijk.
Alewijn Ott, een eigenaar van tweeënhalve maand
Op 16 december 1918 verkreeg Alewijn Ott het pand, koopman, veehouder en veehandelaar te Westwoud, geboren in 1871 te Twisk en getrouwd met Lijsbeth Kos uit Sijbekarspel. Zelf heeft hij er nooit gewoond, het gezin Visser bleef gewoon huurder: al op 1 maart 1919 verkocht Ott het pand door, voor 5.750 gulden. Hij verhuisde later dat jaar wel naar Wognum, naar een boerderij aan de overkant van de straat, Kerkbuurt wijk C nr. 15, en vertrok in 1932 naar Enkhuizen, waar hij een café had bij Bovenkarspel. Zijn oude boerderij is er niet meer: die brandde af in de stormnacht van 31 januari op 1 februari 1953, samen met nog een boerderij in de straat.
Quirinus Koedooder, landman
Quirinus Koedooder, landman, geboren in 1873 te Wervershoof, kocht het pand op 1 maart 1919 van Ott. Ook onder zijn eigendom bleef het gezin Visser in het huis wonen. Koedooder zelf kwam begin 1919 met zijn vrouw Cornelia Dina Paaij en hun twee zonen naar de Kerkebuurt in Wognum en vertrok in april 1922 naar Amsterdam, waar hij melkslijter werd. Het huis liet hij begin 1923 openbaar veilen.
Veiling in café De Vier Heemskinderen
Op een winteravond in januari 1923 werd het huis openbaar geveild in het café van W. Brander te Wognum. De veiling begon om zeven uur en was om acht uur beklonken. Koper werd Pieter Visser Dirkszoon, brandstoffenhandelaar te Wognum, voor de som van 4.890 gulden, ruim 850 gulden minder dan Koedooder er vier jaar eerder voor had betaald. De akte omschrijft het perceel als:
De lampen en de gordijnen bleven buiten de verkoop, net als de aardappelbakken, die desgewenst vóór 1 maart uit het perceel zouden worden verwijderd. Het café De Vier Heemskinderen zelf zou er dertig jaar later niet meer zijn: het ging in de stormnacht van 31 januari op 1 februari 1953 in vlammen op.
Voor Visser was het geen onbekend bezit: hij kocht het huis waarin hij toen al negen jaar woonde. Bewoning en eigendom kwamen hiermee weer samen. Het gezin bleef er tot 1953, in totaal bijna veertig jaar. Pieter overleed in 1966 te Wognum, Trijntje in 1970 aan de Oosteinderweg.
Nico en Vera Stam
In 1953 kochten Nico Stam, expediteur, en Divera Agnes Ursem, voor iedereen Vera, beiden geboren in april 1928, het huis van de familie Visser. Zij trouwden op 30 juni van dat jaar en begonnen hier hun leven samen.
Nico wilde aanvankelijk banketbakker worden, maar nam samen met zijn broers Freek en Tinus de brandstoffenhandel en het transportbedrijf over. Zijn moeder, in de volksmond bekend als „moes Stam”, zette het cafébedrijf van de familie voort, tot Tinus dat in 1966 van haar overnam. In 1972 ging Nico bij zijn broer in het café werken als kok, wat hij deed tot aan zijn VUT in september 1987. Van dat vervroegde pensioen heeft hij helaas maar kort mogen genieten: hij overleed op 13 september 1988, zestig jaar oud. Vera bleef daarna nog in het huis wonen, samen met haar dochter, tot 1990.
Martin Stam en Truus Deken
Op 2 april 1990 zijn Truus en ik in het huis gaan wonen. Daarmee is het huis nu ruim zeventig jaar in de familie, en in 2028 viert het zijn 180e verjaardag.
Nog aan te vullen
Twee vragen staan nog open. Van wie verkreeg Alewijn Ott het pand in december 1918, vermoedelijk de weduwe Klomp, en sinds wanneer was Ott precies eigenaar? En hoe zat het met de vermelding van Koedooder aan de Kerkebuurt wijk C nr. 10, een huisnummer dat later juist bij dit huis hoorde: woonde hij toch korte tijd in het pand, of elders aan de buurt?
Daarnaast zoeken we nog foto's van het huis en zijn vroegere bewoners, en groeit het hoofdstuk vanaf 1990 nog met eigen herinneringen. Het kadastrale nummer, sectie A nummer 641 van de gemeente Wognum, blijft de sleutel voor verder onderzoek via het Westfries Archief in Hoorn.